George Tobal put uit eigen ervaringen voor 'AZC de musical'. 'Die mensen met fakkels, dat is niet Nederland'
In dit artikel:
Theatermaker George Elias Tobal, zelf als twaalfjarige met zijn gezin gevlucht uit Syrië en na een asielprocedure van ongeveer elf jaar zo’n achttien keer verhuisd, speelt op Oerol een voorstelling over opvangcentra: AZC de musical. De locatie is beladen: vlakbij de plek in Formerum waar ooit hotel Punthoofd functioneerde als asielzoekerscentrum in de jaren negentig — eerst laden er protesten tegen de komst van bewoners, vijf jaar later ook toen het centrum verdween. Na de première kwamen twee Terschellinger vrouwen naar hem toe, emotioneel geraakt omdat ze zich dat tijdperk nog zo goed herinneren.
Tobal, die al ruim een decennium als maker op Oerol rondloopt en bekend is van eerdere projecten (onder meer als helft van het duo George en Eran), wilde al eerder iets op die plek maken maar werd tegengehouden omdat het gebouw onbewoonbaar was verklaard. Inmiddels staat er een luxe hotel met dure auto’s op de parkeerplaats — een symbool van transformatie en sociale kloof dat hij bewust in de voorstelling betrekt. De actualiteit, zoals de recente aanvallen en protesten bij opvangcentra (onder andere in Loosdrecht), gaf het project extra urgentie en deed het oorspronkelijke idee voor een komedie kantelen naar een serieuzer, gelaagder stuk.
Dat Tobal voor de musicalvorm koos, komt voort uit zowel persoonlijke smaak als strategische overweging: hij waardeert de directe, overweldigende emotie van musicals en wilde de kracht van die vorm niet belachelijk maken maar benutten. Samen met regisseur Koos Terpstra (met een achtergrond bij het Noord Nederlands Toneel) zocht hij naar een balans tussen aardse eerlijkheid en literaire complexiteit. In plaats van een moraliserend vingertje richt de voorstelling zich op vragen en twijfel: Tobal laat zichzelf niet buiten beschouwing en zet zijn twijfels en schuldgevoelens op het toneel, zodat het publiek wordt uitgedaagd eveneens te reflecteren.
In scenebeelden komen actuele angsten en schrijnende praktijken samen: bezorgde buurtbewoners met fakkels, loverboys die rond azc’s loeren, en zelfs bewoners die door bezoekers seksueel uitgebuit werden. Tobal speelt met waarheidswaarde en dramatisering — namen en details werden aangepast — maar benadrukt dat de kern van zijn verhaal draait om systeemfouten en menselijke complexiteit: er zijn niet simpelweg daders en slachtoffers. De protesterende minderheid, zo stelt hij, weerspiegelt bredere gevoelens van onbehagen en onzekerheid in de samenleving.
Uiteindelijk gaat de voorstelling ook over een ander tegenwicht: dankbaarheid en hulp. Tobal somt in het stuk mensen op die hem als vluchteling hebben gesteund, een bewuste keuze om te tonen dat er naast schuldverhalen ook helden bestaan. AZC de musical is daardoor zowel aanklacht als liefdesverklaring aan gedeelde menselijkheid. De voorstelling is te zien op Oerol tot en met 21 juni (www.oerol.nl).
De Oranjezomer: Robert Maaskant stoort zich aan spelersvrouwen op social media: 'Laat spelers hun werk doen!'